Het kabinet wil hospitaverhuur aantrekkelijker maken. Een belangrijk onderdeel van het wetsvoorstel is de mogelijkheid om een kamer tijdelijk te verhuren voor maximaal vijf jaar. Ook komen er mogelijk ruimere mogelijkheden om de huur te beëindigen, bijvoorbeeld bij verkoop van de woning. Het wetsvoorstel is op 7 juli 2026 bij de Tweede Kamer ingediend en is nog niet aangenomen. Voorlopig blijven de huidige regels dus gelden.
Waarom wil het kabinet de regels veranderen?
Bij hospitaverhuur verhuurt iemand een kamer in de woning waarin hij of zij zelf woont. Huurder en verhuurder delen daarbij meestal voorzieningen zoals de keuken of badkamer.
Volgens het kabinet kan deze vorm van verhuur helpen om bestaande woonruimte beter te benutten. Tegelijkertijd zijn woningeigenaren soms terughoudend omdat huurders na verloop van tijd huurbescherming krijgen. Met de nieuwe regels wil het kabinet die drempel verlagen.
Volgens onderzoek waarnaar de Rijksoverheid verwijst, heeft ongeveer een derde van de Nederlanders ruimte die geschikt kan zijn voor hospitaverhuur. Het kabinet ziet mogelijkheden voor ongeveer 100.000 extra woonruimten.
Tijdelijk huurcontract van maximaal vijf jaar
Het wetsvoorstel maakt een tijdelijk huurcontract voor hospitaverhuur van maximaal vijf jaar mogelijk. Daardoor kan vooraf worden afgesproken dat de huur na maximaal vijf jaar eindigt. Voor bijvoorbeeld studenten en andere mensen die enkele jaren woonruimte zoeken, kan zo’n contract juist meer aanbod opleveren.
De bestaande proefperiode van negen maanden blijft gelden. Tijdens deze periode kan de hospita de huur zonder opgave van een wettelijke opzeggingsgrond opzeggen. Daarbij geldt volgens het wetsvoorstel een opzegtermijn van drie maanden.
Huur beëindigen bij verkoop van de woning
Het kabinet wil daarnaast meer mogelijkheden bieden om hospitaverhuur na de proefperiode te beëindigen. Het wetsvoorstel bevat hiervoor nieuwe opzeggingsgronden, onder meer bij verkoop of gedwongen verkoop van de woning en bij overlijden van de hospita.
Dit betekent niet dat een verhuurder de huur straks op ieder gewenst moment kan stopzetten. Er moet aan de voorwaarden uit de wet worden voldaan.
Ook veranderingen voor hospita’s met een huurwoning
Niet iedere hospita is eigenaar van de woning. Ook iemand die zelf een woning huurt, kan onder bepaalde voorwaarden een kamer verhuren.
Dat kan nu gevolgen hebben voor de huurprijs. Bij een sociale huurwoning kan de verhuurder in sommige gevallen de huur extra verhogen als het gezamenlijke inkomen van de bewoners hoog genoeg is. Daarbij kan ook het inkomen meetellen van degene die een kamer huurt bij de hospita.
Het kabinet wil voorkomen dat een hospita hierdoor een hogere huur moet betalen. Volgens het wetsvoorstel kan de hospita de verhuurder daarom vragen om het inkomen van de kamerhuurder niet mee te tellen bij de inkomensafhankelijke huurverhoging.
Wanneer gaan de nieuwe regels gelden?
Voorlopig verandert er niets. Op 3 september 2026 is het wetsvoorstel nog niet aangenomen. Het moet nog door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld en kan daarbij worden gewijzigd.
Het kabinet streeft naar inwerkingtreding op 1 januari 2027, maar die datum staat nog niet vast. Totdat de nieuwe wet daadwerkelijk ingaat, moeten huurders en verhuurders uitgaan van de huidige regels.