Het tuchtcollega in Zwolle heeft een zaak behandeld tegen een psycholoog. Dit heeft geleid tot een schorsing van twee maanden.

Wat is er gebeurd?

De psycholoog zou mevrouw informatie hebben gegeven waarmee zij de omgangsregeling kon bemoeilijken tussen haar ex-partner en hun kind. Zij en haar partner waren een aantal keer bij de psycholoog geweest voor hun relatieproblemen. Er is toen onder andere een persoonlijkheidstest bij meneer afgenomen. De resultaten hiervan zijn met beide besproken en mevrouw heeft een kopie ontvangen van de resultaten. Haar man had hier toestemming voor gegeven. Vervolgens ging het stel uit elkaar en ontstond er ruzie over de omgangsregeling. De Raad voor de Kinderbescherming heeft op verzoek van de rechtbank een onderzoek ingesteld. De GZ-psycholoog wist hiervan en heeft aan de advocaat van mevrouw een brief gestuurd met opmerkingen over het advies van de raad. Mevrouw heeft de resultaten van het persoonlijkheidsonderzoek gebruikt in procedures over de omgangsregeling.

Onzorgvuldig handelen

Meneer verwijt de psycholoog dat hij in strijd met de beroepscode voor psychologen heeft gehandeld. Het tuchtcollege oordeelt dat de psycholoog meneer niet had mogen onderzoeken. Het was niet duidelijk of meneer cliënt was en er was onduidelijk of oor het afnemen van de test een goede reden was. De psycholoog had rekening moeten houden met een mogelijke relatiebreuk want hij was op de hoogte van de relatieproblemen. Hij had geen waardeoordeel mogen geven over meneer. Daarmee is de klacht van meneer over de psycholoog grotendeels terecht.

Schorsing

De psycholoog is nu voor twee maanden geschorst onder de voorwaarde dat hij zich de komende twee jaar niet schuldig maakt aan enige handelen of nalaten dat in strijd is met de gedragsregels voor psychologen zoals het NIP heeft beschreven.