Co-ouderschap is de laatste jaren erg populair. Sinds 2006 is een verblijfsco-ouderschap in België zelfs de norm. Met co-ouderschap voedt je als het ware samen de kinderen op. Elke ouder ziet de kinderen ongeveer even veel. Wij geven ook altijd aan dat het belangrijk is dat je als ouders goed kunt communiceren wanneer je aan co-ouderschap begint. Echter uit onderzoek van sociologe Sofie Vanassche (KU Leuven) over 20 jaar co-ouderschap in Vlaanderen blijkt dat amper 1 op de 3 gescheiden ouders vaak contact heeft. Ruim 1 op de 4 ouders praat zelfs nooit met elkaar. En nog eens 1 op de 4 heeft minder dan 1 keer in de maand contact. Indien er wel contact is gaat dit vaak gepaard met ruzies.

Co-ouderschap bij ruzie

Wij willen dit interessante onderzoek van onze zuiderburen graag met jullie delen. Sinds 2006 zijn rechters wettelijk verplicht om co-ouderschap ‘bij voorrang’ te onderzoeken als ouders er zelf niet uitkomen. Deze maatregel is in het leven geroepen voor de kinderen. Echter kiezen nu ook veel koppels die veel ruzie hebben voor co-ouderschap. De vraag is of dit bevorderlijk is.

Voortzetting voorrangsregel?

De vraag is nu of deze voorrangsregel moet blijven bestaan. Veel ouders blijken in de praktijk niet samen op te voeden en enkel conflicten te hebben. Het zal verstandig zijn om te onderzoeken of men voorrang aan het co-ouderschap moet blijven geven.